Universiteit van Michigan beschikt nu over ’s werelds grootste slangenverzameling

Universiteit van Michigan beschikt nu over ’s werelds grootste slangenverzameling

Verspreid de liefde

ANN ARBOR, Mich. – Goed nieuws voor wie ooit gefascineerd was door reptielenboeken: de Universiteit van Michigan (UM) heeft sinds dit jaar officieel de grootste collectie slangen ter wereld in haar museum. En nee, het is geen stoffig kamertje waar alleen Indiana Jones zich thuis voelt — het is een plek waar het heden en het verleden van de natuur elkaar letterlijk ontmoeten in potten en vriezers.

Recent schonk de Oregon State University maar liefst 45.000 reptiel- en amfibieënexemplaren aan het UM Museum of Zoology. Meer dan 30.000 daarvan zijn slangen — hierdoor verdubbelde bijna de collectie van de universiteit en mag het museum zich de absolute koploper noemen. Voor de fans: deze verzameling is niet zomaar publiek toegankelijk, maar vormt een ware schat voor onderzoekers wereldwijd.

Levendig archief: geen stoffig museum

Museumconservator en evolutiebioloog Dan Rabosky noemt de collectie geen traditioneel museum: “Je hebt hier honderden glazen potten met slangen, salamanders en zelfs bevroren weefselmonsters — dit is allesbehalve saai. Het is een actieve, levendige plek waar je letterlijk de tijd kunt terugspoelen.”

Volgens Rabosky zijn deze monsters biologische ‘tijdscapsules’, waarmee onderzoekers kunnen terugkijken naar populaties uit het verleden. “Wil je begrijpen hoe veranderingen doorwerken bij dieren, bijvoorbeeld hoe ziektes zich verspreiden? Dan zijn deze collecties van onschatbare waarde,” legt hij uit. En het mooiste: uit zo’n collectie kun je ook lessen trekken over ziektes bij mensen — dat zijn die verrassende kruisbestuivingen waar wetenschap beroemd om is.

‘Dit voelt als kerstmis’ — studenten aan de slag

Studenten kregen de kans om de collectie voor het eerst uit te pakken. “Dit voelt echt als kerstmis,” grapte student Drew Heur terwijl hij een grote pot met een indrukwekkende kluwen slangen uitpakte. Doctoranda Hayley Crowell viste een ongewoon dikke waterslang uit een pot: “Dit is echt een beest van een slang, zeg.”

Wat misschien het meest fascinerend is: de verzameling beslaat zo’n vijftig jaar, van vóór de tijd van TikTok en Instagram. Daardoor krijg je een uniek inkijkje in verandering binnen soorten na natuurrampen of grote landschapsverschuivingen — stel je voor: bosbranden in Drenthe, droogte in de Ooijpolder of een verdwenen meertje bij de Veluwe. Dankzij deze samples kun je daadwerkelijk volgen: wat gebeurt er met een populatie door de tijd heen?

Crowell benadrukt dat zo’n lange termijn, real-life collectie bijna nooit voorkomt. “In het laboratorium zijn proeven vaak kunstmatig. Maar dit zijn échte dieren, rechtstreeks uit het veld, evoluerend zonder menselijke inmening. Dat is zo waardevol én schaars.”

Door de verzameling kunnen wetenschappers nu onderzoeken hoe soorten zich aanpassen aan langetermijnveranderingen zoals klimaat of weerpatronen. “Hoewel het ‘maar’ om slangen gaat,” zegt Rabosky, “kun je hiermee de grotere biologische processen begrijpen. Soms blijkt uit onderzoek naar slangen of planten ineens hoe ziektes bij mensen ontstaan en verspreiden. Dat zijn die onverwachte ontdekkingen waar wetenschap spannend van wordt.”

Het werk van een leven lang: een slangen-goudmijn

Het beeld van een stoffig archief doet absoluut geen recht aan deze verzameling — denk eerder aan een gigantisch wetenschappelijk instrument, een beetje zoals een telescoop bij de LOFAR-radiotelescoop in Drenthe of de deeltjesversneller van CERN.

Rabosky legt uit: “Met labmuizen kun je veel leren, maar buiten het lab gelden vaak andere regels. Zo’n grote slangen-database helpt ons antwoorden zoeken op ‘grote vragen’ als: hoe ontstaan nieuwe diersoorten? Hoe zijn slangen zo succesvol zonder poten? Wat bepaalt eigenlijk succes in de natuur?”

En het is niet alleen slangen wat de klok slaat. Er zijn ook hagedissen, salamanders, kikkers, schildpadden en bergen labnotities en natuurfilms. Alles afgekoeld, verpakt en met liefde vervoerd van Oregon naar Michigan. Volgens de universiteit is dit het levenswerk van twee onlangs gepensioneerde biologen — eentje daarvan promoveerde zelfs in Michigan.

Het is geen wonder dat juist het UM Museum of Zoology deze collectie mag beheren: zelden zijn er instituten met voldoende kennis, ruimte en middelen om zo’n biologische goudmijn toegankelijk te houden voor de wetenschap.